Protestantse Gemeente te Bergen op Zoom

 

L I T U R G I E

voor de kerkdienst

in de Ontmoetingskerk

te Bergen op Zoom

op zondag 9 juni 2024

 

lectoren: Helma van Balen en Maike Lolkema

voorganger: ds. Wim Lolkema

organist: dhr. Rein Ros

losmaking: ds. Ellen van Sluijs

Mmv gelegenheidsband The Soldiers of Salt

Mmv Cantorij Rejoice olv mw. Annemiek Vogels.

 

 

Motto: Samenleven als wezel en giraf

 

De VOORBEREIDING

 

Orgelspel

Welkom en Mededelingen

We gaan staan en zingen Lied 280: 1,2 en 7.

De vreugde voert ons naar dit huis

waar ’t Woord aan ons geschiedt.

God roept zijn Naam over ons uit

en wekt in ons het lied.

 

Dit huis van hout en steen, dat lang

de stormen heeft doorstaan,

waar nog de wolk gebeden hangt

van wie zijn voorgegaan,

 

dit huis slijt mét ons aan de tijd,

maar blijven zal de kracht

die wie hier schuilen verder leidt

tot alles is volbracht.

 

Groet en Beginwoorden

Voorganger : De Heer zij met u!

Allen : Ook met u zij de Heer.

Voorganger : Onze hulp is: de Naam van de Heer

Allen : die hemel en aarde gemaakt heeft.

Voorganger : Heer, vergeef ons al wat wij misdeden

Allen : en doe ons weer in vrede leven.

Voorganger : AMEN.

(We gaan zitten.)

 

The Soldiers of Salt zingen en spelen: Imagine

 

Smeekgebed

Korte tekst door de voorganger

Lied 339A:

U komt de lof toe, U het gezang, U alle glorie,

o Vader, o Zoon, o Heilige Geest,

in alle eeuwen der eeuwen.

 

De DIENST van het WOORD

 

Lied, als gezongen gebed bij de opening van de Schriften:

Wij zoeken U als wij samenkomen…,

Rejoice: vers 1

Wij zoeken U als wij samenkomen,

hopen dat Gij aanwezig zijt,

hopen dat het er eens van zal komen:

mensen in vrede, vandaag en altijd.

 

Allen: verzen 2 en 3.

Wij horen U in oude woorden,

hopen dat wij uw stem verstaan,

hopen dat zij voor ons gaan verwoorden

waarheid en leven, de bron van bestaan.

 

Wij vragen U om behoud en om zegen,

hopen dat Gij ons bidden hoort,

hopen dat Gij ons adem zult geven:

Geestkracht die mensen tot vrede bekoort.

 

Moment met de kinderen

 

Eerste Schriftlezing: 1 Samuël 3: 1 t/m 11

De jonge Samuel diende dus de hEER, onder de hoede van Eli. Er klonken in die tijd zelden woorden van de HEER en er braken geen visioenen door. Op zekere nacht lag Eli op zijn slaapplaats. Zijn ogen waren dof geworden, hij kon bijna niet meer zien. Samuel lag te slapen in het heiligdom van de HEER, bij de ark van God. De godslamp was nog niet gedoofd. 

Toen riep de HEER Samuel. ‘Ja, hier ben ik,’ antwoordde Samuel. Hij liep snel naar Eli toe en zei: ‘Hier ben ik. U hebt me toch geroepen?’ Maar Eli antwoordde: ‘Ik heb je niet geroepen. Ga maar slapen.’

Toen Samuel weer lag te slapen, riep de HEER hem opnieuw. Samuel stond op, ging naar Eli en zei: ‘Hier ben ik. U hebt me toch geroepen?’ Maar Eli antwoordde: ‘Ik heb je niet geroepen, mijn jongen. Ga maar weer slapen.’ Samuel had de HEER nog niet leren kennen, want de HEER had zich niet eerder aan hem bekendgemaakt door het woord tot hem te richten. 

Opnieuw riep de HEER Samuel, voor de derde keer. Samuel stond op, ging naar Eli en zei: ‘Hier ben ik. U hebt me toch geroepen?’ Toen begreep Eli dat het de HEER was die de jongen riep. Hij zei tegen Samuel: ‘Ga maar weer slapen. Wanneer je wordt geroepen, moet je antwoorden: “Spreek, HEER, uw dienaar luistert.”’

Samuel legde zich weer te slapen, en de HEER kwam bij hem staan en riep net als de voorgaande keren: ‘Samuel! Samuel!’ En Samuel antwoordde: ‘Spreek, uw dienaar luistert.’

Toen zei de Heer tegen Samuël: ‘Let op! Ik ga in Israël iets doen waarvan ieder zo zal ophoren dat zijn beide oren tuiten!’

 

Lied 754: 1 en 3, mel. Lied 745

Rejoice: vers 1

Liefde Gods die elk beminnen

hemelhoog te boven gaat,

kom in onze harten binnen

met uw milde overdaad.

Jezus, één en al ontferming,

daal vanuit de hoge neer

met uw heerlijke bescherming

in ons bevend hart, o Heer.

 

Allen: vers 3

Wat Gij eenmaal zijt begonnen

o voltooi het: maak ons rein,

tot de wereld is gewonnen

en in U hersteld zal zijn,

tot wij eeuwig bij U wonen,

schrijdende van licht tot licht,

leggend onze gouden kronen

zingend voor uw aangezicht.

 

Tweede Schriftlezing: Romeinen 8: 18 t/m 26

Ik ben ervan overtuigd dat het lijden van deze tijd in geen verhouding staat tot de luister die

ons in de toekomst zal worden geopenbaard. De schepping ziet er reikhalzend naar uit dat de luister van Gods kinderen openbaar wordt. Want de schepping is ten prooi aan zinloosheid, niet uit eigen wil, maar door Hem die haar daaraan heeft onderworpen.

Maar er is hoop, omdat ook de schepping zelf zal worden bevrijd uit de slavernij van de vergankelijkheid en zal delen in de vrijheid en luister die Gods kinderen geschonken wordt.

Wij weten dat de hele schepping nog altijd als in barensweeën zucht en lijdt. En zij niet alleen, ook wijzelf, die als voorschot de Geest hebben ontvangen, ook wij zuchten in onszelf in afwachting van de openbaring dat we kinderen van God zijn: de verlossing van ons sterfelijk bestaan. In deze hoop zijn we gered. Als we echter nu al zouden zien waarop we hopen, zou het geen hoop meer zijn. Wie hoopt er nog op wat hij al kan zien? Maar als wij hopen op wat we nog niet zien, blijven we in afwachting daarvan volharden.

En bovendien komt de Geest onze zwakheid te hulp; wij weten immers niet wat we in ons gebed tegen God moeten zeggen, maar de Geest zelf pleit voor ons met woordloze zuchten.

 

Opwekking 407 – (NL van How Great Thou Art)

Rejoice: vers 1

O Heer, mijn God, wanneer ik in verwond’ring

de wereld zie die U hebt voorgebracht.

Het sterrenlicht, het rollen van de donder,

heel dit heelal, dat vol is van uw kracht.

Refrein:

Dan zingt mijn ziel tot U, o Heer mijn God:

hoe groot zij Gij, hoe groot zijt Gij.

Dan zingt mijn ziel tot U, o Heer mijn God:

hoe groot zij Gij, hoe groot zijt Gij.

 

Allen: vers 3

Als Christus komt met majesteit en luister,

brengt Hij mij thuis, hoe heerlijk zal dat zijn.

Dan zal ik vol aanbidding voor Hem buigen

en zingt mijn ziel: o Heer, hoe groot zijt Gij!

Refrein: Dan zingt mijn ziel…

 

Lezing van Johannes 3: 8:

De wind waait waarheen hij wil; je hoort zijn geluid, maar je weet niet waar hij vandaan komt en waar hij heen gaat. Zo is het ook met iedereen die uit de Geest geboren is.

 

Overdenking en meditatief orgelspel

 

Lied: Eén zwaluw maakt zomer… (Eppie Dam / Hindrik van der Meer)

Rejoice: verzen 1 en 2

Noach bleef geloven toen de regenvloed

heel de aarde dompelde in tegenspoed.

Omdat hij bleef geloven

kwam hij de schrik te boven…

Refrein:

Eén zwaluw maakt zomer,

één duif – niet gezwicht.

De droom van één dromer

wekt schaduw tot licht.

 

Jozef bleef geloven toen het donker was,

dat de morgenzon nog niet gezonken was,

in duisternis gevangen

bleef hij naar licht verlangen…

Refrein: Eén zwaluw…

 

Allen: verzen 3 en 4

Mozes bleef geloven, in de zandwoestijn,

dat er na de bergen nog een land moest zijn.

Hoe uitzichtsloos de jaren,

hij bleef zijn droom bewaren.

Refrein: Eén zwaluw…

 

Wil je wel geloven dat je dromen kan,

dat een nieuwe aarde er nog komen kan.

Je komt de schrik te boven

wanneer je blijft geloven.

Refrein: Eén zwaluw…

 

De DIENST van GEBEDEN en GAVEN

 

Gebeden en oecumenisch Onze Vader

In de voorbeden (in drie delen) wordt gezongen: Kyrie eleison (Taizé).

Zo bidden en zingen wij:

Eerste keer Rejoice:

Kyrie, kyrie, kyrie eleison

Kyrie, kyrie, kyrie eleison

Tweede en derde keer: wij allemaal:

Kyrie, kyrie, kyrie eleison

Kyrie, kyrie, kyrie eleison

 We sluiten de gebeden af met het oecumenisch Onze Vader

Onze Vader die in de hemel zijt,

uw Naam worde geheiligd,

uw Koninkrijk kome,

uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel.

Geef ons heden ons dagelijks brood.

En vergeef ons onze schulden

zoals ook wij onze schuldenaars vergeven.

En leid ons niet in verzoeking,

maar verlos ons van de boze.

Want van U is het Koninkrijk

en de kracht en de heerlijkheid

in eeuwigheid.

AMEN.

The Soldiers of Salt spelen en zingen:

Zo puur kan liefde zijn… (Make You Feel my Love – Paul de Leeuw / Adèle)

 

Collecten.

  1. ZWO 2. Onderhoud gebouwen 3. Pastoraat

We zingen tijdens de collecten drie keer Lied 568-A:

Ubi caritas et amor, ubi caritas, Deus ibi est.

(NL: Daar waar vriendschap is en liefde, daar is God.)

 

We gaan staan en zingen ons slotlied: Lied 968: 1 en 5.

De ware kerk des Heren,

in Hem alleen gegrond,

geschapen Hem ter ere,

de bruid van zijn verbond,

dankt aan zijn dood het leven.

Hij is haar bruidegom.

Want God, zo staat geschreven,

zag naar zijn dienstmaagd om.

 

Met God zijn wij verbonden,

met Vader, Zoon en Geest,

met alwie overwonnen,

alwie zijn trouw geweest.

Bewijs ons uw genade,

dan zingen wij bevrijd

de glorie van uw daden,

in tijd en eeuwigheid.

 

Gezongen Zegen (GvL 344)

Voorganger:

De Levende zegene en behoede u.

De Levende doe zijn aangezicht over u lichten en zij u genadig.

De Levende verheffe zijn aangezicht over u en geve u vrede.

Rejoice:

Zegen ons en behoed ons.

Doe lichten over ons uw aangezicht en wees ons genadig.

Zegen ons en behoed ons.

Doe lichten over ons uw aangezicht

en geef ons vrede.

ALLEN:

Zegen ons en behoed ons.

Doe lichten over ons uw aangezicht en wees ons genadig.

Zegen ons en behoed ons.

Doe lichten over ons uw aangezicht

en geef ons vrede.

 

Voorganger:
Zo zegene u de almachtige God:

de Vader, de Zoon en de heilige Geest.

 Gezongen Amen

 U wordt vriendelijk verzicht uw zitplaats weer in te nemen.

 De losmaking van ds. Lolkema

als predikant van de Protestantse Gemeente te Bergen op Zoom

 (Orgelspel)